Keratoconus

Keratoconus

Keratoconus is een afwijking aan het hoornvlies, waarbij het hoornvlies geen bolle vorm heeft maar een kegelvorm.

Keratoconus is een afwijking aan het hoornvlies, waarbij het hoornvlies geen bolle vorm heeft maar een kegelvorm. Door de kegelvorm kan het hoornvlies centraal verdunnen en uitpuilen. Hierdoor treedt een vervormd en verminderd zien op. Het vervormde zien is vergelijkbaar met een ruit waar een 'deukje' in zit. Je kunt er op elke manier doorheen kijken, maar de vervorming blijft. 

Het is een aangeboren aandoening, maar de kegelvorming komt meestal pas tijdens of na de puberteit tot uiting. Bij minder dan 10% van de patiënten is de aandoening erfelijk.

Keratoconus komt ongeveer bij 1 op de 1500 mensen voor ; iets vaker bij mensen van Mediterane –of Afrikaanse afkomst.

Symptomen :

  • vermindering van het zicht
  • lichtgevoeligheid
  • toename van de brilsterkte (bijziendheid en astigmatisme) 

Behandelingen

Brillenglazen of zachte contactlenzen

Bij een beginnende keratoconus kan de gezichtsscherpte nog met brillenglazen of zachte contactlenzen worden verbeterd. Omdat er meestal sprake is van bijziendheid en astigmatisme moeten deze allebei worden gecorrigeerd. 

Harde (Sclera) contactlenzen

Naarmate de vormverandering toeneemt, zijn een bril of zachte contactlenzen niet meer voldoende, omdat deze de kegelvorm niet meer corrigeren. Het gebruik van harde contactlenzen is dan de oplossing. Er zijn verschillende soorten harde contactlenzen. 

UV cross-linking 

Bij keratoconus moet UV cross-linking worden overwogen. Het doel van deze behandeling is het afremmen of verminderen van de kegelvorming door de stabiliteit en stijfheid van het hoornvliesweefsel te verhogen. Met UV-straling wordt de structuur van de grootste laag van het hoornvlies (stroma) versterkt.

Cross-linking 

Dit is geen behandeling die het zicht verbetert. Het is een techniek die de achteruitgang van de vorm van het hoornvlies voorkomt. Het betreft dus een preventieve behandeling die met name bij jonge patiënten van groot belang kan zijn. Hoe eerder men de veranderingen in het hoornvlies kan stopzetten, hoe beter het zicht gedurende de rest van het leven zal zijn.

Ringsegmenten (intacs) 

Ringsegmenten zijn kleine kunststof (plastic) ringetjes die in het hoornvlies worden geïmplanteerd. Deze ringen ondersteunen het hoornvlies en verbeteren de vorm. Hierdoor verbetert het zicht. Ringsegmenten hebben niet altijd een zeer voorspelbaar effect op de vorm van het hoornvlies. Anderzijds is het een weinig invasieve ingreep die omkeerbaar is. Ringsegmenten kunnen zo nodig ook weer verwijderd worden.

Hoornvliestransplantatie 

Indien andere behandelingen geen verbetering meer geven kan een hoornvliestransplantatie overwogen worden. Deze ingreep heeft bij keratoconus een succespercentage van meer dan 90% en behoort tot de meest succesvolle vormen van weefseltransplantatie. Het herstel na een hoornvliestransplantatie duurt vrij lang (1 tot 1,5 jaar) en dikwijls moet er na de transplantatie nog steeds contactlenzen worden gedragen. Toch is voor sommige patiënten een transplantatie een efficiënte manier om een beter zicht te bekomen. Afhankelijk van de vorm van het hoornvlies wordt het hele hoornvlies of slechts een deel ervan vervangen.

Nazorg

Wegens wazig zicht kunt u tijdelijk niet zelfstandig deelnemen aan het verkeer. Daarom adviseren wij u vervoer naar huis te regelen. Daarnaast is het comfortabel om direct na de behandeling, maar ook de dagen daarna, een zonnebril te dragen. Door het schaafwondje op het hoornvlies kunt u last hebben van napijn. De napijn bestaat uit een branderig gevoel, wat ongeveer een dag of drie duurt. Het oog kan wat overgevoelig zijn voor licht gedurende een aantal dagen. Na de behandeling krijgt u een recept mee voor 3 verschillende oogdruppels, die u minimaal tot 1 maand na de operatie dient te gebruiken. Na ongeveer twee dagen kunt u uw dagelijkse werkzaamheden weer hervatten. De eerste drie weken mag u niet sporten of zwembad/sauna bezoeken. Tot drie maanden na de behandeling mag u de contactlens van het behandelde oog niet dragen. Daarna kunt u deze gewoon weer dragen maar vragen wij u om deze minstens twee weken voor elk controlebezoek weer uit te laten.

Risico’s 

De risico's op complicaties tijdens of na cross-linking zijn klein. Er bestaat de kans op infectie en glaucoom (verhoogde oogdruk). Er is geen aanwijzing gevonden dat de gezonde levende cellen (endotheelcellen) bij een voldoende dik hoornvlies beschadigd raken.

Bij het plaatsen van ringsegmenten, kan het voorkomen dat tijdens de chirurgische procedure de zuigring die op het hoornvlies wordt geplaatst, onvoldoende druk kan opbouwen, waardoor de operatie voortijdig zal moeten worden gestopt. Deze complicatie komt niet vaak voor. Verder kunt u tijdens het genezingproces last krijgen van de volgende klachten: droge ogen, kringen rondom lichtbronnen (halo's), hinderlijke lichteffecten in de avond, en verminderde of wisselende gezichtsscherpte. Zoals bij elke operatie kan er een infectie optreden bij de wond of de hechting. Dit moet dan met extra oogdruppels worden behandeld. Verder kunnen troebelingen neerslaan in de tunnel van het ringsegment. Dit laatste is een vaak voorkomend verschijnsel, waarvan de meeste patiënten geen klachten ondervinden.

I.g.v. hoornvliestransplantatie, kan het voorkomen dat uw lichaam het donorhoornvlies herkent als "niet-eigen" en uw afweer systeem reageert tegen het donorhoornvlies (ondanks het gebruik van de ontstekingsremmende druppels). Als u één van de volgende symptomen ervaart, dan dient u uw oogarts te raadplegen:

  • vermindering van het gezichtsvermogen,
  • roodheid van het oog,
  • pijn

De meeste afstotingsreacties komen voor in het eerste jaar na de transplantatie, maar kunnen ook op langere termijn voorkomen. Indien op tijd therapie wordt ingeschakeld kan een afstotingsreactie onderbroken worden. Indien een afstotingsreactie niet onder controle is te krijgen, dan zal het donor hoornvlies troebel blijven. Op indicatie kan een nieuwe transplantatie plaatsvinden, maar de afstotingskans hierna zal verhoogd zijn. Complicaties komen niet veel voor, maar zoals bij iedere grote operatie zijn er mogelijke complicaties na een hoornvliestransplantatie zoals een bloeding in het oog, hoge oogdruk, infectie en staar. In de meeste gevallen bestaan er behandelopties voor dergelijke situaties.

{{ popup_title }}

{{ popup_close_text }}

x